Onderzoek naar infiltratie van IJsselmeerwater door zandwinning voor de kust van Flevoland.
Voor de aanleg van de nieuwe spoorverbinding Lelystad - Zwolle is zand benodigd. Dit zand is uit het IJsselmeer gewonnen voor de kust van de provincie Flevoland.
Het waterpeil van het IJsselmeer en de stijghoogte in het watervoerende (zand)pakket in het IJsselmeer zijn hoger dan die in de Noordoostpolder en Oostelijk Flevoland. Door het verschil in potentiaal stroomt er (grond)water via de (diepe) ondergrond vanuit het IJsselmeer naar de beide polders. Deze diepe grondwaterstroming kan geschematiseerd worden tot een in het Holoceen (klei/zavel) verticaal neerwaarts gerichte stroming in het IJsselmeer, waarna het kwelwater zich in het watervoerende pakket in horizontale richting verplaatst, en tenslotte weer verticaal opkwelt in de nabijgelegen polders.
Door de zandwinning kan meer IJsselmeerwater infiltreren in de ondergrond en de stijghoogte toenemen. Door De Ruiter Boringen en Bemalingen bv is de invloed van deze winning op de kweltoename richting delen van de Noordoostpolder en Oostelijk Flevoland berekend. Hierna is een monitoringssysteem ontworpen. Daarbij is zoveel mogelijk gebruik gemaakt van bestaande peilbuizen uit het Provinciale meetnet en daar waar nodig aangevuld met nieuwe peilbuizen. Tijdens de zandwinning is de stijghoogte met automatische dataloggers regelmatig gemeten. De interpretatie van de meetgegevens zijn door De Ruiter getoetst aan de berekeningen.