
Nederland is met haar slappe bodem een land dat zich uitstekend leent voor verkenning van de ondergrond met behulp van sonderen. De Ruiter is vanaf het ontstaan van de sondeertechniek betrokken bij de ontwikkeling er van en nog steeds pionier bij het ontwikkelen en testen van nieuwe apparatuur. Sondeer equipement wordt betrokken van gerenommeerde leveranciers zoals A.P. van den Berg en GeoMil.
De Ruiter beschikt over eigen magnetometers voor het veilig laten verlopen van het sonderen in gebieden die verdacht zijn op de aanwezigheid van niet gesprongen explosieven (NGE).
De 20 tons sondeerwagens van de Ruiter zijn uitgerust met een rupsonderstel, het zijn zogenaamde track-trucks. Deze zijn geschikt voor inzet op elk type ondergrond. Op wegens beperkte ruimte moeilijk bereikbare locaties zijn er kleine rupsgedreven sondeervoertuigen (minirupsen) beschikbaar. Alle sondeervoertuigen zijn uitgerust met 20 tons wegdrukapparatuur.
Ook op het water kan worden gesondeerd met de onderzoeksschepen Geonaut en Ketelmeer. De Geonaut heeft een speciaal vast sondeerapparaat met verlengde geleiders waarmee op water met een hoog verval zoals havens langer kan worden doorgesondeerd. Daar waar water niet bevaarbaar is worden pontons ingezet.
De Ruiter maakt sonderingen conform NEN5140, klasse 2 met meting van:
Voorts worden met het sondeerequipement de volgende technieken toegepast:
Afdichting van een sondeergat kan nodig zijn om verontreiniging naar het diepere grondwater, wel vorming of lekkage in bijvoorbeeld dijklichamen te voorkomen. Tijdens het trekken van de sondeerbuizen kan het sondeergat worden geïnjecteerd met cement/bentoniet.