

De Nederlandse bodem leent zich uitstekend voor het maken van boringen met behulp van de pulsboortechniek. De ondergrond bestaat in het grootste deel van ons land tot op grote diepte uit onverhard materiaal dat zich beneden de grondwaterspiegel bevindt. Dit zijn de basisvoorwaarden voor deze boormethode en pulsboren behoort daarom al geruime tijd tot een van de meest gebruikte boortechniek.
Pulsboren is een boortechniek waarbij de grond wordt losgemaakt en naar de oppervlakte gebracht met behulp van een puls. De puls is een buis met aan de onderzijde een klep, die op en neer wordt gehaald in het boorgat. Elke keer wordt een 'hap' grond genomen en in de buis naar boven gehaald. Hierbij is water nodig om de grond los te maken. Gaande het dieper worden van het boring wordt een casing ingelaten om te voorkomen dat het boorgat instort. Pulsboren is een gecontroleerde boormethode die leidt tot een hoge kwaliteit boorgat met een gegarandeerde vertikaliteit.
Pulsboringen worden onder andere gebruikt voor:
In een pulsboring kunnen op, bijvoorbeeld door middel van een sondering, vooraf bepaalde dieptes ongeroerde monsters worden genomen met het ackermann steekapparaat.
De keuze van het in te zetten boormaterieel hangt af van de diepte en diameter van de te maken boring, de gesteldheid van de bodem en de beschikbare werkruimte. Voor alle omstandigheden is materieel beschikbaar. Klein en licht rupsmaterieel is er bijvoorbeeld voor dijkonderzoek of onderzoek op moeilijk begaanbare plaatsen zoals schouwpaden. Groot rupsmaterieel en boorwagens zijn beschikbaar voor het maken van diepe pulsboringen met een grote diameter voor het maken van boringen voor waterwinning.